Schuilen bij jou…

We vieren dit weekend jouw leven Sonja. Je wilde graag dat er elk jaar iets bijzonders gedaan zou worden.

Nu de kinderen prachtige opgroeiende pubers zijn gaan we natuurlijk shoppen! Elke keer kiezen we een andere stad. De horizon steeds een beetje breder maken. Dit keer gaan we Rotterdam verkennen.

Gisteren luisterden we naar muziek. Ik dacht opeens aan de Rotterdamse band The Kik. Ze hebben het nummer Schuilen bij jou. Gaat vast over een stukgelopen relatie, maar ik hoorde ook hoe de tekst voor ons gezin klopt als je wat anders luistert.

Voor mijn gevoel mogen we nog altijd schuilen bij jou… ❤️

Advertenties

Geen bucketlist, wel een wens

Robert had geen bucketlist, geen échte wensenlijst dus.

Tevreden was hij, met wat was.

Niet meer, niet minder.

Maar hij had wél een wens. Een ogenschijnlijke vrij simpele in het huidige tijdperk. Niet voor hemzelf, dat was te laat. Maar voor wie na hem kwam.

Gewoon een pil, een poeder, een drankje of wat dan ook dat wél echt zou werken en niet alleen maar de symptomen zou bestrijden. Dat kon niet anders dan een kwestie van tijd zijn.

Eigenlijk is Robert’ wens uitgekomen. Het medicijn is er voor een belangrijke groep CF-ers. Maar… het wordt niet vergoed… Dat is verschrikkelijk toch?

Een wens had hij dus, omdat we dan wel kunnen zeggen dat we het leven samen prachtig hebben ervaren, maar CF op zichzelf is en blijft gewoon ronduit K…. Laat daar geen misverstand over bestaan.

Het is benauwd, het is pijnlijk en het is beperkend. Als dát nu eens achterwegen kon blijven en dan nog steeds tevreden zijn met wat is. Ooohhh, wat zou het leven voor wie na hem kwam dan mooi zijn…

Of… Of zou je de onschatbare waarde van het eenvoudige leven niet meer ervaren als de beperkingen, de pijn en de benauwdheid wegvallen…

Het was een vraag die zomaar weleens bij ons op kwam. Kon je eigenlijk wel altijd onthouden hoe bijzonder het is om vrij te kunnen ademen en alles te kunnen doen wat zo ontzettend gewoon is…?

… Dus was iedereen eigenlijk altijd maar zo tevreden, gewoon met wat is… Niet zo veel willen bezitten, beheersen en controleren. Niet zoveel meedoen aan hypes en je laten vangen in de greep van de marketing zodat je echt gelooft dat het leven dan pas goed is… Je denkt dat je mee moet in de fast-fasion, – food en – life…

Maar je moet dus helemaal niks…

Wat zou dat veel schelen in de kosten voor gezondheidszorg, als we dat met zijn alle eens niet meer deden… Dan konden we met gemak dit medicijn betalen… Want we hebben niet eens door dat het leven, zoals we het collectief nu leven, uitputtend is… Heel erg uitputtend zelfs…

Voor wie nu machteloos toekijkt, maar gelukkig geen CF of iets anders heeft; Jij kunt iets doen, echt! Het is simpel. Werk aan je gezondheid, doe aan preventie. Door onze huidige levensstijl worden we ziek, zieker, ziekst zonder dat we door hebben waar het door komt.

Dat beseffen, daar werden we toen al erg verdrietig van…

Voor diegene die ziek zijn door iets anders dan levensstijl blijft er meer geld over als wij met zijn allen zorgen dat we weer gezond gaan eten, bewegen, werken en wonen. Nog leuk om weer te ontdekken ook, veel meer energie gevend dan mopperen op een minister ook nog eens…

Energie om te creëren

Steeds maar weer iets nieuws te doen, die energie die bedoel ik. Ik 2017-09-23 16.41.24ben er verzot op.

Vandaag was best een bijzondere dag. Veel van de creaties van mijn vader, hij maakte graag en goed meubels, vonden een volgende bestemming.

Sommige stukken deden nogal pijn om los te laten, maar toch klopte het wel hoor. Helemaal zoals hij was, nogal pragmatisch; Past het niet meer en kan het niet veranderd worden? Dan of het hout hergebruiken of het meubel aan iemand anders geven.

Simpel zat dus.

Maar daar waar je tijdens zijn leven wist dat hij zelf wel weer iets nieuws zou maken, weet je dat we daar vandaag de dag anderen voor vinden. En dat doet pijn. Sowieso, hoe goed het overlijden ook verwerkt is, het schuurt langs hele gevoelige plekken in mijn hart.

Ik had dat niet echt zo benoemd dat ik dat voelde. Ik voelde het gewoon vandaag,..

En ‘toevallig’ zeg ik argeloos, goh als we nou eens iets hebben wat als plantentafeltje kan dienen daar in die hoek, want ik mis daar iets van groen en iets van leven. Ronny denkt even na, scharrelt wat rond en komt terug met mijn vaders zaagbankje.

Het staat heel mooi vind ik zelf. Het past bij onze stijl, beetje stoer en dingen die eigenlijk een andere functie hebben gebruiken wij met plezier op een andere manier. Vinden wij gewoon leuk.

En zo komt het dus dat de energie van het steeds weer creëren dat onlosmakelijk met het zaagbankje verbonden is nu een ere plaats heeft. Ik geloof dat ik het bankje daardoor  nog wel het aller waardevolst vind om te koesteren!

Goed getimed dus om dat bankje juist vandaag zo’n plek te geven 😉

 

 

Wat muziek zegt: Supergirls don’t cry

muziek-lijntjeZoals ik in het najaar van 2015 (de periode waarin ik Ronny weer ontmoette) te pas, maar meestal te onpas Wer Bisto van Twares hoorde hoorde ik wéér Supergril van Reamonn.

Ik herinner me ook gelijk de eerdere keren dat ik dit nummer hoorde en ik de tekst ging opzoeken om de dieper betekenis ervan te begrijpen. Het waren meestal niet de hoogtepunten in de eerste jaren van mijn leven ná Robert… En dan druk ik me voorzichtig uit…

Hoe het nummer precies bedoeld is weet ik eigenlijk nog steeds niet. Ik hoor er in elk geval het verhaal in van iemand die hard werkt en het toch niet krijgt wat haar toekomt, maar ja… Supergirls don’t cry…

Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat Robert mij met muziek nog steeds dingen duidelijk maakt. Nadat ik Ronny terug had gevonden heb ik Wer bisto nooit meer zomaar ergens gehoord namelijk ;-). Ik zie hem bij wijze van spreken zijn hemelse lijstje afvinken: check, missie voltooid!

Ik deelde gisteren in een prachtig gesprek verdrietige, pijnlijke en zelf schaamtevolle feiten met iemand die precies diezelfde feiten kon oplepelen. Ondanks dat we beide behoorlijk wat krassen weg te polijsten hadden, of hebben, voelde het rijk om met elkaar te kunnen delen.

Dus waarom viel mij vandaag dit nummer nou weer op? Een idee Susanne​ 😉 Duizend maal dank voor het prachtige gesprek dat wij hadden! Ik denk dat ik het nummer voorlopig niet meer zomaar ‘toevallig’ zal horen.

Reamonn – Supergirl

You can tell by the way
She walks that she’s my girl
You can tell by the way
She talks, she rules the world
You can see in her eyes that no one is her Chi
She’s my girl, my Supergirl

And then she’d say it’s OK I got lost on the way
But I’m a Supergirl and Supergirls don’t cry
And then she’d say it’s all right I got home late last night
But I’m a Supergirl and Supergirls just fly

And then she’d say that nothing can go wrong
When you’re in love what can go wrong
And then she’d laugh the nighttime into the day
Pushing her fears further along

And then she’d say it’s OK I got lost on the way
But I’m a Supergirl and Supergirls don’t cry
And then she’d say it’s all right I got home late last night
But I’m a Supergirl and Supergirls just fly

Then she’d shout down the line tell me she’s got no more time
Cause she’s a Supergirl and Supergirls don’t cry
Then she’d scream in my face tell me to leave, leave this place
Cause she’s a Supergirl and Supergirls just fly

She’s a Supergirl a Supergirl
She’s sowing seeds she’s burning trees
She’s sowing seeds she’s burning trees
She’s a Supergirl a Supergirl
A Supergirl, my Supergirl

Hoe een blauwe mok goud waard blijkt

2017-09-15 11.04.10Sommige dingen zijn goud waard! Zelfs een handgemaakte blauwe aardewerk mok kan dat zijn. Waarde voeg je immers zelf toe door het verhaal er achter te delen. Nou bij deze dan!

Ik kreeg bezoek in het hoge noorden van mijn Brabantse huisgenoot tijdens een onvergetelijke periode in mijn leven; de Streeplandsedijk-tijd! Ze nam haar blauwe mok mee. Dat verdient wat uitleg. Want waarom vinden wij dat nou zo memorabel?

De Streeplandsedijk-tijd dus, die is voor ons onbetaalbaar, onvergetelijk en eigenlijk ook onbeschrijfelijk. Met recht een tijdperk was dat.

Streeplandsedijk-tijd.jpgZij woonde al in het polderhuisje aan de Streeplandsedijk toen ik een tijdelijk onderkomen zocht. Een oud boerderijtje was het eigenlijk. Maar vergeet alle pittoreske ideeën die de term ‘een oud boerderijtje’ bij je oproept… Het was vooral oud zeg maar. Knus wel hoor, maar oud, dat wel…

Ze was net bezig met haar huisbaas of ze de bovenverdieping mocht verhuren aan een eventuele huisgenoot. Ze was er toch een paar dagen in de week niet ivm werk ver weg. Dan zou het wat meer bewoond zijn en als ze wel thuis was zou het bovendien veel gezelliger zijn met nog iemand in huis.

Precies op die dag gaf ik aan dat ik iets tijdelijks en eenvoudigs zocht voor een tijdje, maximaal een jaar. Ik had toen overigens nog niet het flauwste idee dat ik naar Friesland zou gaan verhuizen. Het was voor mij rete spannend. Ik ging mijn (schijnbare)zekerheid van mijn energie A++ huis van toen, opgeven. Ik verkocht het aan mijn toenmalige partner en ging met minimale bezittingen op twee kamertjes wonen van het oude tochtige huisje in de polder van het dorp waar ik geboren was.

Het huis dat ik verkocht had ik met Robert gebouwd. We hadden samen altijd al gezegd dat we ooit, als het goed met hem zou blijven gaan eens echt vrij in het groen zouden gaan wonen om wonen en werken te kunnen gaan combineren. Dat ik het huis dat wij met zoveel liefde hadden bewoond ging verkopen was daarom enerzijds logisch. Anderzijds was het een enorme stap. De partner waarmee ik na Roberts overlijden had samengewoond wilde het graag van mij kopen toen wij onze relatie beëindigden. Het voelde goed, want ik was daardoor vrij om mijn leven verder te gaan ontdekken, te gaan doen wat Robert en ik samen hadden bedacht. Dus toch ook weer verder stappen en niet te blijven hangen op een plek waar ik ooit gelukkig was. Het was al met al dus een reuze stap die ik maakte… Ik ging het doen…!!! Want het mocht dus van de huisbaas, dat er iemand bij kwam wonen.

Ik was er thuis in een hele diepe betekenis van dat woord. Het huisje voldeed dan wel niet aan de verwachtingen van een huis zoals dat in mijn omgeving ‘normaal’ gevonden wordt, ik merkte dat het heel erg goed bij mij in die periode van mijn leven paste. Ik handel in de ogen van sommigen altijd heel snel en in grote stappen. Menigeen zegt dat ik beter wat langer kan nadenken voordat ik grote beslissing neemt. Maar tegelijkertijd kan niemand kan mij vertellen van welke grote beslissingen ik spijt heb gekregen. Stomweg omdat die er niet zijn. Wie met zijn hart besluit valt zich niet zo snel een buil is mijn uitgangspunt. Zo simpel is dat. Maar nu, nu ik daar zo ‘aftands woonde’ vonden velen dat ik juist wel snel weer weg moest. Grappig vond ik dat, deed ik eens iets trager, was het weer niet goed 😉

Want ik zat er best. Ik genoot van de imperfectie, van het delen met mijn huisgenoot. Ik genoot van de rust in die polder. Ik had niet eens een auto. Het raakte mij niet. Ik genoot zelfs van het fietsen door de wind en regen. Ok, dat laatste niet heel lang, maar ik heb het wel een hele tijd volgehouden. Maar eerlijk is eerlijk, toen ik het geld van de verkoop van mijn huis op de bank had kocht ik wel weer een autootje. Mijn bestelautootje, zo’n stoer ding! Het paste perfect bij mij op dat moment. Een autootje dat symbool stond voor een periode waarin bakken werk werden verzet om een volgende stap te kunnen maken.

Ik kende mijn huisgenoot eigenlijk helemaal niet echt goed dus toen ik zonder lang nadenken besloot dat ik bij haar in zou gaan wonen.

Ze zat bij mij op de les, daar kende ik haar nog maar heel kort van. Tijdens de kennismakingsles en het napraten daarna resoneerde er al wel iets. Zelfde dorp opgegroeid, zij in het buitengebied ik in de bebouwde kom. Dat was het enige verschil. Maar de basisschool met al haar typische dingen kenden we beide van binnen en van buiten.

Hoe we ons als kind ook al, zonder dat toen natuurlijk te kunnen benoemen, vervreemd en verbonden tegelijk in het dorp hebben gevoeld. We kregen er al op die eerste dag kippenvel van. Nooit gedacht nog eens iemand te ontmoeten die dat zó het zelfde had beleefd als dat ik dat had.

We waren voor een dubbeltje geboren en we wisten wel degelijk dat we heel veel meer dan een kwartje zouden worden. En dat werden we. Daar, op die Streeplandsedijk. Jeetje, wat was het een onwijs gaaf proces wat wij daar meemaakte.

We gingen nog beter als daarvoor op onze eigen benen staan. Staan voor waar we in geloofde wat anderen om ons heen er soms ook van dachten. Beide bezig met bewustwording over een goede zorg voor moeder-aarde en dan natuurlijk ook gelijk voor jezelf, daarin vonden we elkaar naadloos. We leerden heel veel van elkaar. We deelden diep verdriet, spannende nieuwe stappen, nog niet gelukte stappen, teleurstellingen, successen en vooral hoe we steeds weer verder gingen en tenslotte met onze koppies boven het maaiveld uitkwamen.

We voelen ons stoer daar in die polder. Herstel, we wáren stoer daar in die polder. Zeker toen de diesel gestookte verwarmingsketel het op een erg natte en koude winterdag begaf.

Uiteraard hadden we met onze duurzame harten besloten om zo min mogelijk van die diesel te gaan stoken. De champignons groeide zo ongeveer ín ons huisje, maar we dachten vooral aan het milieu. We grapten dat er zelfs een kledinglijn was op de Streeplandsedijk. Een kledinglijn met veel laagjes en van hele dikke stoffen vooral 😉 Maar goed, die ketel dus, die begaf het. De monteur bleek een stagiaire en hij had het hoofdstuk ‘prehistorische diesel-combiketels’ nog niet gehad op school… Wij verkleumden in de keuken bij een mini elektrisch kacheltje met koffie uit dé blauwe mokken. Maarrrr… We Survived!  😉

Dé blauwe mokken, daar gaat het gouden-moment dat ik nu wil delen dus over. Ze woont inmiddels ook niet meer op die Streeplandsedijk. Ze heeft ook weer een normaal dak boven haar hoofd enzo. De blauwe mok die ze als kerstcadeautjes had gegeven, daar hebben we daar samen heel veel kopjes koffie uit gedronken in ons krakkemikkige keukentje wat amper een keukentje te noemen was. Het was dan ook niet de keuken zelf maar haar kooktalent dat we elke avond verrukkelijk gegeten hebben met de groente van het seizoen, uiteraard biologisch en het liefst van de lokale boer. Zij liet mij steeds weer ervaren dat je met talent altijd daar komt waar je hoort te zijn. De materiële zaken zijn bijzaak, en absoluut niet de hoofdzaak. Niet dat ik dat nog niet wist, maar ze liet het me weer zo aan de lijve ervaren.

Maar die mokken dus, er was er eentje voor haar en eentje voor mij. Dat ze vandaag uit haar tas haar eigen blauwe mok haalde om weer eens ouderwets bakse leut samen te nuttigen, nou dat was gewoon even een prachtig gouden moment dat ik graag met jullie deel!

Tot de dood ons scheidt… ❤️

Vandaag precies 22 jaar geleden beloofden Rob en ik elkaar dat. Maar eerlijk gezegd geloofden wij zo in leven na de dood dat het een beetje als een gekke belofte voelde.

Maar de wetgever heeft het nu eenmaal zo bedacht, dus vooruit dan maar. Getogen in afgeknipte spijkerbroek togen we twee dagen voor mijn en vier dagen voor Rob's verjaardag naar het stadhuis om dat wat wij elkaar al eerder beloofden bij wet vast te laten leggen.

Geen groot feest met alles erop en eraan. Het tegendraadse gratis huwelijksvoltrekkingsmoment paste ons als een jas. Uit pure liefde wilde we ons leven (en de dood) met elkaar delen. En daar hoort een formaliteit bij. Niet meer, niet minder.

Het veranderde immers helemaal niets aan het gevoel. Het was en bleef groots.

Ik hield ook, even tegendraads als die spijkerbroek, mijn meisjesnaam. En toch, juist op Rob's sterfbed toen hij zo kwetsbaar was, was ik heel blij dat ik formeel zijn vrouw was. Ik had hem beloofd zonder twijfel te doen wat hij zou willen als het er op aan kwam. En dat kwam het…

Ik merkte voor het eerst heel sterk dat de dood een sprookje was. Het schrikbeeld van het definitieve einde bleek zeer relatief… Hoewel intens verdrietig ook zo eindeloos liefdevol… Niemand kon het beter aanvoelen, denk ik, dan ikzelf in onze aan elkaar gekoppelde energie van dat moment.

Dus tot de dood ons scheidt… het zijn maar woorden… Hun betekenis veel ruimer dan vaak wordt vermoed… Wie doet wat is beloofd kan het denk ik met gerust hart weer beloven?

De Uithoflijn

Jarenlang reden wij, Robert en ik, met steeds meer regelmaat naar Utrecht naar het ziekenhuis. Vaak bleef Robert er om in ‘hotel UMCU’ te logeren. Ik reed dan die dagen of weken daarop volgend dagelijks heen en weer tussen huis en Robert. Uithoflijn-artist-impression

Afslag ‘De Uithof’ op de A27 heb ik dan ook ontelbare keren genomen.

Uiteraard wist Robert van mijn eerste liefde met achternaam Uithof. Sterker nog, hij kende hem en was erbij geweest toen het zowel ‘aan’ als ‘uit’ ging tussen ons. We waren toen enerzijds stomweg te jong om de langeafstandliefde vorm te kunnen geven anderzijds… we weten nu dat het leven iets anders in petto had voor ons. Daarvoor moesten we nog niet op die jonge leeftijd bij elkaar komen, maar later juist wel. Maar daarvan hadden we uiteraard werkelijk geen flauw idee.

Robert liet in de tijd dat ik toen verkering kreeg met Ronny ook wel blijken dat hij mij ook erg leuk vond maar omdat hij ziek was hield hij ook de boot af. Maar toen het dan toch uit ging tussen mij en Ronny… tja toen liet hij de kans niet voorbij gaan.

Gelukkig maar want vanaf de eerste zoen op de ‘Veronica’ boot in Maastricht zijn we nooit meer een dag zonder elkaar geweest tot aan zijn overlijden.

Het feit dat Robert en ik in Maastricht onze liefde hebben gevonden is noemenswaardig.

Een vriendin via wie ik Ronny uit het verre Friesland had leren kennen, studeerde in Maastricht. Zij had óók een liefde uit Friesland. Dus we gingen met de hele vriendengroep uit het Zuiden, aangevuld met die twee Friezen dus, naar Maastricht om daar het leven eens te vieren.

Ronny zou zeker ook komen, samen met zijn vriend. Maar om nog steeds onduidelijke redenen kwam Ronny toen toch niet opdagen. En dus was het dus uit met hem en aan met Robert.

Zo makkelijk gaat dat dus als je een jaar of 18 bent.

Kon ik weten dat het tussen mij en Robert zo intens raak was? Nee joh, ik had er ook geen idee van. Maar dat het voor de rest van ons gezamenlijke leven was dat merkte ik wel in de maanden die er op volgden. Ik was Ronny eigenlijk dankbaar voor het niet komen opdagen want ik had geen dag van het, soms bloedstollende, ziekenhuisleven met Robert samen willen missen.

Daarom reden we ook vaak met een dikke knipoog via die bewuste afslag ‘De Uithof’ naar het ziekenhuis toe om het ziekenhuisleven weer aan te gaan.

Je zult begrijpen dat ik nog steeds met bijzondere aandacht over dit stukje A27 rijd als ik nu van noord naar zuid reis. Dat ik daarom dus echt nooit kies voor de afsluitdijk route. Omdat je dan niet langs deze afslag komt. Het zit zo diep dat ik er zelfs een file voor over heb. Ik moet en zal op mijn route van en naar het zuiden deze afslag zien 😉 Ik zie het als een ritueel dat onze onderlinge band voedt en bevestigt.

Nou, daar moest ik aan denken toen ik het artikeltje las over de Uithoflijn die van het Centraal Station Utrecht naar het UMCU en terug loopt. 😉

Wat zijn jouw dierbare herinneringen waar je een ritueel aan hebt gekoppeld?