De foto en het verhaal

Beloofd is beloofd, ik zal het verhaal achter de foto vertellen.

Een tijdje geleden reden we, Ronny en ik, naar Brabant voor familiebezoek. Onderweg komen we dan min of meer langs de plek waar ik, om het maar eens poëtisch te zeggen, Robert’s as heb teruggegeven aan moeder aarde.

Want van echt strooien was destijds geen spraken bedenk ik me nu ik dit zo schrijf. Op een of andere manier heb ik het meer neergelegd dan verstrooid. Het ging zo, daar had ik geen script voor bedacht. Echt teruggegeven dus…

Robert was ook niet bepaald verstrooid dus wellicht dat hij liever een wat meer gecentreerde plek wilde hebben? Vind ik nou wel weer typisch Robert om dat op die manier subtiel te regisseren. Wij aardse wezens hebben immers toch lang niet altijd door wanneer wij zelf of wanneer onze zielen aan het werk zijn. We zijn zo ‘arrogant’ om te denken dat we alles zelf bedenken. Maar ik heb al te vaak gemerkt dat ik dingen zei of deed waarvan ik achteraf dacht: nou zeg, dat verzin je gewoon niet!?!

Afijn, dat feit in beschouwing nemend ging ik Ronny, Robert’s plekje laten zien. Ronny vraagt mij weleens of ik het niet jammer vind dat ik geen graf heb om naar toe te kunnen. Maar het was Rob’s stellige overtuiging dat hij niet in een graf of urn zou liggen, daar zou slechts zijn aardse omhulling, in welke staat dan ook, zijn. Wie hij in wezen was in die aardse omhulling zou overal zijn, waar jij het maar wilde hebben. Dus nee, ik vind dat niet jammer. Dit past beter bij Robert.

Ik deelde dat geloof met hem en ben er na zijn dood, door de acties in die categorie: nou ja zeg, dat verzin je niet”, zelfs van overtuigd geraakt. Geen geloof meer maar een zeker weten dus. En je hoeft mij niet te geloven hoor, ik snap dat je het niet snapt als je het niet ervaart.

Zo af en toe ga ik toch eens naar de plek toe waar ik de aardse cirkel rond maakte. En vaak krijg ik dan ‘bewijs’ van Rob’s ideeën over de dood en dat ze dus kloppen. Een graf vond hij dus te statisch en te doods. En nee, dat bedoelde hij niet sarcastisch maar dat meende hij echt.

Hij wist gewoon dat de dood een sprookje was en dat hoe wij over de dood denken wezenlijk fout is. Er ís leven na de dood. Maar het is wel heel anders dan het aardse leven. Daarom moet je over het aardse leven niet lichtzinnig denken. Dat is uniek en schitterend en dát op zichzelf stopt wel. Dát is het hele verdriet. Voor wie het leven laat blijft het verdrietig als dat wat daarna gebeurd niet wordt herkend, dan verlies je het contact en dat zou eigenlijk niet nodig zijn…

Het mooie aan het aardse leven is dat je dingen kunt doen, kunt creëren, iets kunt manifesteren. Je kunt daadwerkelijk iets betekenen voor de wereld en de mensen om je heen. Als je je dan ook nog eens kunt laten helpen door anderen, levend of niet, om de beste creatie of manifestatie neer te zetten dan ben je een gezegd mens! De energie van iedereen die je kende maar nu niet meer leeft, staat altijd voor jou ter beschikking. Als je dat niet weet en je ploetert op alleen eigen kracht voort dan voel je wel aan dat juist dát heel verdrietig is. Nog veel verdrietiger dan het treuren om het leven dat er niet meer tastbaar is.

Maar goed, ik dwaal weer af, het is ook een niet zo makkelijk uit te leggen ervaring. Sorry voor mijn breedsprakigheid weer. 😉

Zoals gezegd laat Robert laat mij steeds op die ene plek ervaren dat hij dus nog altijd mee ontwikkeld, zijn plek is daardoor zeker niet statisch en doods. Het is geen plek om te treuren maar een plek om te ervaren hoe hij verder is gegaan. Hij leeft volop!

Hoe liet hij dat dit keer zien? Ronny vroeg onderweg of ik de plek, omdat die niet gemarkeerd is, terug kan vinden? Ik heb zelf immers echt geen enkel gevoel voor navigeren. Ik loop, als ik uit een winkel kom, steevast in de richting waar ik al vandaan kwam en denk dan: ‘hè ze hebben hier twee HEMA’s’ in plaats van dat ik denk, ‘shit ik ben weer de verkeerde kant opgelopen’. Links en rechts draai ik consequent om en hoor dan altijd mijn vader’s zinnetje in mijn hoofd: Rechts is de kant waar aan je hand je duim links zit. Ehe, tja, dat klopt… maar voor ik die redenatie heb gemaakt ben ik al een paar straten de verkeerde rechtsaf gegaan.

Nou en met dat navigatie-talent dus zou ik bijna 9 jaar na het teruggeven van de as op een haast random spot in een bos zomaar die ene plek terug kunnen vinden? Ik geef toe dat klinkt aardig onwaarschijnlijk maar toch is het zo. 2018-01-03 11.42.45

Dit keer werd dit hele verhaal wel heel grappig omlijst. We lopen de bocht om waar ik zeg: ‘nu moet het hier ergens zijn, nog iets van 100 meter verder geloof ik’. Ik speur wat en zie een steen liggen. ‘Daar’, zeg ik!

En wat schetst mijn verbazing er ligt een baksteen met en pijl erop die precies de coördinaten van Rob’s plekkie aanwijzen.

Ik grinnik ervan en als ik dan verder kijk zie ik de hutjes staan. Het kleinste, met het vuurplaatsje een eindje verderop ervoor, is 100% zeker de plek waar ik zijn as neerlegde. Daarnaast een iets groter hutje. Ik zeg gelijk: ‘Oh das voor jullie gemaakt, jullie zijn met vier en wij met twee’. 😉

Hutjes met vuurplaatsjeDiep in mij voel ik dat het zo ongeveer klopt wat ik zeg. Ik gloei van top tot teen. Ronny is er stil van. Ik wil gaan zingen en dansen van het plezier dat ik voel. We lopen verder en er zijn achter dit ‘hoofdgebouw’ van de schijnbare camping nog een aantal kleine hutjes te vinden.

Robert zal de beheerder wel zijn van deze fantastische plek! En jawel hoor, er mag gespeeld worden in het leven, dat is wat hij nu wil zeggen.reetje

Maar één keer zo iets toevalligs zien kan nog iets toevaligs zijn. Maar er is nog een eerdere keer met zo iets opmerkelijks. Toen dat gebeurde was ik nog niet naar het hoge noorden verhuist en vroeg me toen nog af wie ik wel niet was om me zomaar te mogen voegen in een gezin met kinderen…

Ik vroeg me af of ik zo iets kwetsbaars wel mocht vergezellen? En wat was dan mijn taak en rol?

Ik mijmerde wat op deze plek waar toen deze mini-camping nog niet was verrezen en ik hoorde plotseling vlak bij mij zacht gepiep. Ik keek op en keek recht in de oogjes van dit schattige diertje… De rest is geschiedenis 😉

Advertenties

Drie jaar geleden…

Het is alweer drie jaar geleden dat we als gezin een hele bijzondere tijd doormaakte. Eentje van ons, ons pa om het maar eens op zijn Brabants te zeggen, bereidde zich voor om te gaan hemelen.

Wij mochten mee toekijken in die laatste weken. Soms haast ademloos omdat het zo rustig ging en je niks aan de magie van die momenten wilde verstoren. Maar vaker juist met ingehouden adem omdat het op vele andere momenten juist weer zo lastig ging…

Het was hoe dan ook altijd adembenemend indrukwekkend.

Alsof de hemelpoorten steeds verder open gingen. Alsof we met elkaar stilletjes een kijkje mochten nemen hoe het daar waar was. Daar waar toen ook al dierbare waren en waar hij binnenkort ook heen ging. Ik beschreef dat toen alsof het leek dat er nieuwe update’s op onze menselijke harde schijven werden geïnstalleerd. Updates over het leven én de dood. Updates dus waar ik daarna heel veel aan heb gehad.

Wij als vader-dochter hadden altijd al een band zonder al te veel woorden. Dat is nu nog steeds zo. Ik deed/doe dingen die hij zelf niet zo 1,2,3 zou doen. Maar hij steunde/steunt mij altijd door dik en dun. Ook als het dingen waren die hij zelf niet zo snel zou durven of doen.

Regelmatig merk ik nu dat hij er is als ik met onze hond bezig ben. Dat is nou zo’n typisch iets waarvan hij zelf nooit zou weten hoe je dat nou aanpakt; een hond opvoeden?! Hij had helemaal niks met honden. Maar op een of andere manier merk ik dat hij heel regelmatig mee gaat als ik met Lola ga wandelen.

Soms voel ik me verdrietig dat hij niet meer heeft meegemaakt hoe goed ik op mijn pootjes terecht ben gekomen. Meestal kan ik gelijk daarna voelen dat hij het juíst allemaal ziet en dat hij geniet van ons hele gezin inclusief hond.

Hij is postuum toch nog een hondenliefhebber geworden geloof ik 😉

Donorwet… Voor of tegen…???

De Donorwet… ben ik voor of tegen automatisch donor zijn met de optie om aan te geven dat je het niet wilt. Doel is om op deze manier het donortekort te verkleinen.

Maar werkt dat ook? Ja, deels wel vermoed ik… Maarrrrr: waarom zou nu opeens wel iedereen de tijd nemen om het even zelf aan te geven als ze niet willen…  Het is toch mens-eigen om dit soort dingen op een to-do lijstje steeds maar weer verder naar onder te laten schuiven…

De kans dat je een orgaan krijgt van iemand die eigenlijk nog had willen registreren om niet te willen doneren bestaat met deze nieuwe wet.

Wie wil er nou een cadeau van iemand krijgen dat met tegenzin gegeven wordt???

Wetten werken niet als het over leven en dood gaat

Dit soort wezenlijke zaken over leven en  dood laten zich nu eenmaal lastig met een wet regelen. Dat weet je als je wel eens van dichtbij een verstervingsproces heeft mogen beleven. Alles kan dan opeens anders zijn dan het in het volle leven is beleefd.

Daarom, wie donor wil zijn zegt vanuit het hart ja! Een wet is overbodig.

Traag stervensproces

Het kan zijn dat het verhaal van Britt Dekker bij DWDD tegenstanders laat veranderen in voorstanders, want wil wil postuum nou geen heldendaad verrichten? Hoewel het verhaal op en top op zijn Britt’s verteld wordt waarbij onterecht haar specifieke ervaring tot algemeen geldend lijkt te worden, is het wel een oprecht verhaal…

Maar hoe we het ook draaien of keren; iedereen die iets zegt over hoe het stervensproces er uitziet gaat uit van vele veronderstelling.

Diegene die op basis van de feiten die we wetenschappelijk gezien nu kennen over het leven conclusies trekt over wanneer je dood bent en waar je bewustzijn huist vergeet dat we haast niks weten over de dood… En zolang we dat niet weten zijn alle beweringen over de overgang van leven en dood onbetrouwbaar… Om met Herman Finkers te spreken: Als men glashard aan kan tonen dat ik me vergis, pas dan zal ik geloven dat er geen hemel is

Want wat zegt Britt ook als tussenzinnetje in haar verhaal dat tegenstanders laat twijfelen…? Het proces van hersendood worden duurt lang (of, beter gezegd, kan lang duren)… Dus alle gevoelens die het oproept om ook een heldendaad te doen na overlijden worden door die ene zin onbedoeld ook weer op losse schroeven gezet.

En dat is heel goed, want dit is precies waarover het gaat. Er is niet met wetten te regelen hoe het klopt voor jou op het moment dat het er op aan komt…

Tegen de wet, maar wel bewust donor

Hoewel ik dus tégen de wet ben heb ik wel gekozen om tóch donor te zijn. Donor zijn vergezeld  met mijn vurige wens dat mijn bewustzijn inderdaad elders huist dan in mijn brein en dus dat mijn ziel compleet blijft. Het is mijn persoonlijke keuze om de rust (als die er zou zijn) bij het overlijden op te geven om te kunnen doneren.

In het argument voor mij om het wél te doen schuilt ook een heel goed argument om het juist níet te doen. Zo simpel is het dus niet om iets te beredeneren dat hout snijdt, het is echt een gevoelskwestie.

Nogmaals, nikst is beter of slechter. Leven of dood zijn zelfs niet beter of slechter ten opzichte van elkaar. Maar ze zijn wel anders… Wie leeft kan iets manifesteren, iets beteken in letterlijke zin van wat je zielsgraag wilt. En dat maakt het leven zinvol.

Dus wie net als ik van het leven houdt kíest voor ja of nee. Niet meer, niet minder.

 

Storm…

Gisteren was zo’n dag dat je ’s avonds weer in je bedje ligt en dat je denkt: er zitten toch maar 24 uur in één dag? Hoe kan ik dan zoveel hebben beleefd?
Eerst in alle vroegte door de mega super storm van Friesland naar Brabant gereden. Met witte knokkels om het stuur in bedwang te houden maar toch net op tijd aankomen om het hele afscheid van de moeder van een lieve vriendin helemaal mee te kunnen beleven. De anderhalf uur extra reistijd tot de laatste seconde nodig gehad om aan te komen, maar ik was er…
Wat raakte het afscheid… Die vriendin… Die al zoveel jaren ook zoveel stormen van mij heeft mee beleeft… Uitgerekend op de hevigste storm in een eeuw zet ze haar moeder prachtig in het licht…
Iets van in het oog van de storm is het altijd windstil of zo…
Daarna drink ik thee bij mijn moeder. Niet bij haar zelf, want ze is niet thuis, maar twee verdiepingen lager is ze wel ‘thuis’. Alsof het de normaalste zaak van de wereld is bel ik aan bij mijn oude buurman. Die buurman is nu dus weer de nieuwe buurman van haar en, alsof het vanzelfsprekend is, doet mijn moeder open. En weet je, het ís ook vanzelfsprekend en de normaalste zaak van de wereld!
Wat voelt het heerlijk om op die manier bij mijn moeder op de thee te gaan. Die Westhoek bleek toch lang zo gek nog niet 😉 Zeker nu het weer de-tijd-van-drie-jaar-terug is. Dat is net wat zachter als je het kunt delen moet wie het écht begrijpt.
Dan aan het einde van de middag weer terug in de auto. De storm is gaan liggen. De autoradio vertelt dat er nog geen trein rijdt en dat er her en der nog een vrachtwagen overeind gezet moet worden omdat die, het leek wel een recordpoging, met tientallen over het wegennet verspreid lagen. Het zal mij benieuwen of ik op tijd bij de De Kruidhof Hortus van Friesland aankom?
Jawel hoor, ik haal het precies. Door wat files geen tijd om te eten maar gelukkig heb ik het ontbijtje van vanmorgen nog in mijn broodtrommeltje zitten. Toen kon ik immers toch niet eten omdat ik toen het stuur niet los kon laten. Nou dat komt dan nu weer goed uit want stoppen voor een snelle hap zit er niet in. Ik kan natuurlijk niet een Brabants kwartierke te laat komen komen in Friesland. 😉
2018-01-18 22.08.17Ik kom dus wederom strak op tijd aan om mezelf even later in de generale repetitie van de verhalenavond terug te vinden. Compleet verkleed met snor en hoedjes als Piskijker… Als wat???? Als piskijker! Als je wilt weten wat dat is? Tja dan moet je maar komen luisteren op 26 januari, dan vertellen we de Verhalen van wonderdokters en duivelbanners bij knapperende vuurtjes. Nu al bij de generale een geweldige avond gehad die ik niet had willen missen.
O ja, ik was even vergeten dat het nog drie kwartier rijden is naar huis. Oeps een beetje een tegenvaller, echt doodmoe plof ik thuis op de bank en weet eigenlijk niet zo goed wat ik moet antwoorden op de vraag: hoe was je dag? Eind goed, al goed zullen we maar zeggen…😊❤️

What’s in a name?

Wij dachten, subtiel een kleine aanpassing te doen. Niet dat het een geheim was hoor, helemaal niet zelfs. Maar het was voor ons een formaliteit, zelfs haast een noodzakelijk ‘kwaad’ te noemen…

Ik mocht, als ik dat wilde, al een maand of wat de familienaam achter mijn meisjesnaam gebruiken. Dit omdat we onze relatie in stilte, uit respect en liefde voor wat eerder was, geformaliseerd hebben in een geregisterd partnerschap.

Tot nu toe had ik die naamswijziging nog niet doorgevoerd op social media. Maar omdat ik hecht aan het feit dat dingen kloppen vond ik op een argeloze zaterdagochtend toch dat ik mijn naam maar eens moest aanpassen.

Zeker ook omdat we volgend jaar wat zakelijk stappen gaan ondernemen, dan is eenduidigheid in de naam gewoon handig. Niet veel meer en ook niet veel minder dan dat…

Klinkt a-romantisch hè… en dat is het ergens ook.

De romantiek zit hem voor ons in de onvoorwaardelijkheid waarmee wij het avontuur van het leven dagelijks met elkaar delen. Juist dus ook zonder de wettelijke contracten. Elkaar blind vertrouwen en op het woord geloven dus. Als de wet een afspraak op de achterkant van een bierviltje zou accepteren, dan hadden we daar voor gekozen…

Maar vandaar dus, Monique van Etten-Uithof is de naam 😉 De liefde voor elkaar is gelijk gebleven, want die stond al op ‘onvoorwaardelijk en maximaal’ Daar voegt een boterbriefje niks meer aan toe.

Dus op naar een liefdevol én ondernemend 2018 nu dan maar!

Muziek en december

Vanaf vandaag worden de dagen weer langer. Dat is altijd zo’n houvast in de donkere dagen voor kerst.
 
Jaar na jaar neem ik me voor de lichte kant van december te zien. Het lukt altijd goed tot en met 5 december. Daarna wordt het uitdagender.
 
Niet dat ik alleen maar slechte herinneringen aan de feestdagen heb hoor, zeker niet zelfs. Maar toch, de melancholie van december, ik kan er gewoon niet omheen.
 
De muziek van de Top 2000, ook al is hij vrolijk, het raakt van alles en nog wat in mij. De hele lijst barst figuurlijk van herinneringen van toen. Super mooie herinneringen om te koesteren en te eren.
 
Als ik nog eens naar mijn stemlijstje kijk voel ik gelijk het kolkende gevoel dat overweldigd. Robert communiceert nog steeds volop door muziek heen.
 
Bij het samenstellen van het lijstje ben ik in mijn geheugen gaan graven, wat waren ook al weer die anekdotes die ik op papier had gezet voor het feest toen hij 40 werd?
 
O ja, dat met die pizza en Eros Ramazzotti.
 
Dat van die stiekem opgenomen tune van de ene programma dat ik zo grappig vond in mijn cd-speler van de auto.
 
Die regel van een rake songtekst die hij als welkomsttekst op mijn telefoon had gezet.
 
De cd die hij had samengesteld voor zijn collega’s als afscheid toen hij stopte met werken.
 
De bandjes (!) die hij ter gelegenheid van, ja van wat niet eigenlijk, maakte. Elke gelegenheid kreeg zijn eigen muziek play-listje in de vorm van een bandje. Oh, wat had hij Spotify leuk gevonden, hij was zeker weten een heavy user geworden 😉
 
Bij het samenstellen van het lijstje was mijn eigen geheugen op een gegeven moment leeg. Het werd vanzelf aangevuld met passende suggesties. Daarom genoot ik ook zo van het samenstellen ervan. Het groeide gewoon vanzelf.
 
Niet alleen bij het samenstellen van het lijstje, maar ook op andere momenten als ik knopen moet hakken, vragen heb waar geen antwoord op is, of iets waar ik tegenop zie; ik krijg reactie via muziek die mij zo maar ‘toevallig’ opvalt.
 
Wer bisto in het najaar van 2015, echt te pas en te onpas, in winkels, restaurants en op de radio in de auto. Moest ik misschien iets met Friesland…?
 
Als ik ergens verdrietig over ben hoor ik spontaan Alway’s look on the bright side of life.
 
Ik zag op tegen de eerste keer nieuwe liedjes van De Dijk te gaan horen. We luisterde, zeker de laatste cd, tot ver achter de komma naar de teksten. Ze zeiden ons veel. Er zou natuurlijk weer eens een nieuwe cd uitkomen die ik niet samen met Robert kon luisteren. Het eerste nummer dat ik van die cd hoorde was ‘Kan ik iets voor je doen’ een nummer rechtstreeks over troost.
 
Zaterdag waren we bij een optreden van de Dijk in Paradiso. Een geweldige avond beleefd in geweldig gezelschap. ‘Of het zaallicht even aan kon’ vroeg Huub van de Lubbe, zodat de bandleden even konden kijken wie er waren, … en ook wie er niet meer waren…
 
Raak, binnen gekomen.
 
Ik was er, Robert was er niet meer. Maar ze moeten hem haast wel in de energie gevoeld hebben. Want hij was er natuurlijk toch ook weer wel. ❤️
En zo worden de dagen dus ook weer lichter. Gewoon door dit hele gebeuren, hoe dat schijnbaar werkt na de dood, steeds meer en meer door te hebben.

Schuilen bij jou…

We vieren dit weekend jouw leven Sonja. Je wilde graag dat er elk jaar iets bijzonders gedaan zou worden.

Nu de kinderen prachtige opgroeiende pubers zijn gaan we natuurlijk shoppen! Elke keer kiezen we een andere stad. De horizon steeds een beetje breder maken. Dit keer gaan we Rotterdam verkennen.

Gisteren luisterden we naar muziek. Ik dacht opeens aan de Rotterdamse band The Kik. Ze hebben het nummer Schuilen bij jou. Gaat vast over een stukgelopen relatie, maar ik hoorde ook hoe de tekst voor ons gezin klopt als je wat anders luistert.

Voor mijn gevoel mogen we nog altijd schuilen bij jou… ❤️