Time of your life

Gisteren was ik jarig. Mooie dag beleefd. Lunchen met mijn moeder en haar vriend, en uit eten met mijn gezin in de avond. Kan allemaal niet beter.

De hele dag door geniet ik dan ook nog eens van de berichtjes op social media. Ronny vraagt ’s avonds semi-serieus en semi-voor-de-grap: ‘ook nog wat van Robert gehoord vandaag?”
Hij is dus ook niet al te verbaast als ik volmondig JA antwoord.

In de auto onderweg naar het Zuiden hoor ik het top 2000 shuffle spelletje op de radio. Een kandidaat krijgt random intro’s van top 2000 nummers te horen en mag ja of nee zeggen.

Deze kandidaat had al een paar keer nee gezegd en had eventueel nog één nummer over ná het intro van Greenday’s Good riddance (time of your life).

De kandidaat in kwestie twijfelde wat tussen ja en nee, terwijl ik heel erg hoopte op een JA. En het werd een JA.

Robert had dit nummer gekozen om te laten horen op zijn uitvaart. En dat was van hem alles behalve een random keuze!

Voor Robert vertegenwoordigde het herkenbare thema in dit nummer – het beklemmende en vernietigende gevoel van echt liefdesverdriet- alle tegenslagen in het leven en hoe je die kunt incasseren.

Het leven gaat nu eenmaal voor niemand zonder slag of stoot, maak er hoe dan ook het beste van.

Hij bedoelde niet dat je uiteindelijk toch maar tevreden bent met het kleine eenvoudige terwijl je ondertussen toch blijft snakken naar het beter lijkende grotere en interessantere.

Hij bedoelde juist dat je ín het kleine eenvoudige zelf dat veel grotere interessantere kunt vinden…

Hij bedoelde dus echt, ook al lijkt dat een contradictie, dat je nooit genoegen moet nemen met iets minder. Het ís alleen geen contradictie want hij bedoelde dat het meer, beter en groter altijd weer verborgen zit ín het uiterste kleine, eenvoudige en voor de hand liggende. Nooit ver weg maar altijd binnen handbereik dus.

Dát, en al klinkt het simpel het is toch behoorlijk complex, is wat hij bedoelde met pluk de dag. Dát is wat hij wilde achterlaten, dat dát echt begrepen en geleefd zou worden.

Daarom voelde ik een tintel over mijn hele lichaam gaan toen in het spelletje gisteren het nummer werd gekozen om helemaal te draaien op de radio…

Ik werd op dat moment ingehaald door een auto. Een zwart busje met zwarte vlaggetjes voorop… Inderdaad een rouwauto dus… In plaats van het luguber te vinden wat er op dat moment bij me opkwam, ontving het met een grote glimlach. Ik dacht namelijk: kijk nou, ik word ingehaald door de dood want die blijkt nog springlevend te zijn 😉

Morgen is Robert’s geboortedag, een dag om te vieren! 50 jaar zou hij zijn bij leven, hoe oud hij nu is? Geen idee, maar onsterfelijk is hij in elk geval wel.

Advertenties

Badkamerflashback 2008/2018

Wij krijgen een nieuwe badkamer. Niet geheel vrijwillig, er lekte iets nogal behoorlijk en een gedeeltelijke renovatie zou niet zo mooi worden omdat we geen reserve tegels maar hadden. Kortom, de hele boel moest maar opnieuw…

Ik vertelde aan Ronny dat het als een flashback voelt de afgelopen weken. Maar dat het ook heel helend werkt. Want alles gaat nu werkelijk geruisloos als ik het vergelijk met de situatie waarin ik zat in 2008. Poolse vakmannen die we niet konden uitleggen hoe we de dingen wilden hebben, stof tot in de verste hoeken van het huis vanwege het slopen van muren. En Robert die tussen al die onrust met zijn zeer beperkte conditie probeerde enig ritme in zijn dagen te houden om zo min mogelijk gezondheid te verliezen. Dat lukt amper natuurlijk… Het geheel had toen een enorme impact op de energiehuishouding…

Want daar waar ik hieronder het klusverhaal laat beginnen kent het verhaal in werkelijkheid nog een lange voorgeschiedenis van zoeken naar de oorzaak en hopen dat het wel meevalt. Dat deed het dus niet…

En daar waar het klusverhaal nu stopt in juli 2008 weet ik dat het overging in een ziekenhuisopname. De dag dat de vloerbedekking gelegd werd op de kamers die door de lekkage óók opgeknapt moesten worden, was ook de dag dat Robert wéér naar het ziekenhuis ging.
Eigenlijk hadden we moeten gaan genieten van alle arbeid die was verricht, maar dat zat er bepaald niet in. Die grieperigheid die eerst nog overwonnen leek was dat allerminst. Het bleef kwakkelen. Achteraf was goed te merken dat de finale toen was begonnen. Maar dat wisten we natuurlijk niet.

Als ik in de afgelopen weken wéér tegels naar boven sjouw merk ik dat ik weliswaar een soort gelijk taakje verricht als tien jaar geleden maar dat ik ze nu niet alleen hoef te sjouwen, dat er nu geen muren opnieuw gemetseld hoeven te worden en dat ik de vakman die zorgt dat alles weer netjes wordt opgebouwd wél kan verstaan. Zelfs al spreekt hij geen Nederlands, het Fries verstaan is inmiddels geen enkel probleem meer ;-).

Voor die liefhebber hieronder de delen uit het dagboek van toen over “Dé badkamer”

Donderdag 5 juni  2008 “Stoer, stoerder, stoerst”

Een veel besproken onderwerp is en blijft die ontzettende badkamer van ons. Volgende week woensdag gaan “ze” beginnen.

Gisteren werden de tegels al geleverd. Naïef als ik soms ben had ik me voorgesteld dat ze die wel keurig tot in de garage kwamen brengen. Inschattingsfoutje van mij dus… Drie propvolle pallets met zo’n 56 pakken tegels a 17 kilo stonden aan de voorkant van ons huis te staan…

Steekwagentje van mijn pa geleend en sjouwen maar. Omdat Rob’s arm natuurlijk nog voorzien is van een infuus was het helemaal geen goed plan om hem mee te laten helpen. Mijn bouwvakkermentaliteit kwam snel bovendrijven en ik karde de pakken stuk voor stuk naar binnen en sjouwde ze daarna stuk voor stuk naar de 1ste verdieping…

Ik voelde me maar wat stoer!

En nu voel ik maar wat spierpijn 😉

Zaterdag 7 juni 2008 “Verrassing”

De eerste zaterdag van de maand begon als altijd met het buitenzetten van het oud papier. Ik wist dat dat niet de laatste ballast zou zijn die we zouden gaan afvoeren op deze dag.

Afgesproken was dat één van Rob’s broers zou komen helpen bij de sloop van de huidige sanitaire badvoorziening. Sterker nog, wij hadden de regie met een totaal gerust hart in zijn handen gelegd.

Amper begonnen met de eerste kleine klusjes ging de voordeurbel. Het was 1 van Rob’s andere broers die in alle vroegte in de auto moet zijn gestapt om op dit tijdstip al op onze stoep te staan! Nou ja!!!! Wat een geweldige verrassing. Als de bel weer gaat staat mijn schoonvader voor de deur. En zo te zien is hij ook gemotiveerd om de handen uit de mouwen te steken. Ik ben zeer verrast door de onverwachte hulptroepen.  Ik ga er vanuit dat we nu wel compleet zijn. Maar een krap minuutje later gaat voor de laatste keer de bel om de club volledig te maken. Mijn derde zwager heeft namelijk zelfs een auto gehuurd om zich te kunnen melden vandaag! SUPER!!!

Rob en ik zijn heel erg blij met deze spontane extra handen. Onze zorg is plots niet meer of de sloop zal slagen maar of we genoeg proviand hebben om de bouwvakkers te voorzien van een welverdiende lunch.

Zo rond het middaguur was op een fractie na de laatste tegel van de vloer gebikt, een aanhangwagen vol puin gestort en de magen lichtelijk vacuüm getrokken. Ons boodschappenniveau bleek gelukkig op orde te zijn om mijn complete schoonfamilie van een middagmaaltijd te voorzien.

Tevreden en dolgelukkig staan wij tegen een uur of 15.00 op de volledig keurig netjes gestripte bovenverdieping.

Tevreden omdat het, door ons te doen, ergste klusje wat betreft de renovatie geklaard is. Dolgelukkig omdat niet zomaar de eerste de besten kwamen helpen, maar de aller-aller besten!

Donderdag 12 juni 2008 “Wat & hoe in het Pools”

Dan denk je dat je alle verrassingen gehad hebt op sanitairgebied. Dat je alles weet van constructies, bouwmaterialen en technieken enzo…

Maar dan komt het, dan moet je ook nog weten wat zwaluwstaartplaat in het Pools is.

Onze aannemer kon destijds wel wat met de prijs doen. Ik snap het nu. Zijn werknemers zijn Poolse arbeiders. Prima gasten trouwens. Het is slechts dat hun bovengemiddelde klusvaardigheid niet bepaald evenredig met hun Nederlandse taalvaardigheid is ontwikkeld. Het kan me niet zo veel schelen want ze werken hard en geweldig netjes. Het is wel duidelijk dat ze hier niet voor de “gezelli” zijn. De aannemer die we bij het constateren van de lek in de arm hadden genomen had mannetjes in dienst die het koffie leuten ook wel een belangrijk onderdeel van het werk vonden. Overigens waren die jongens door hun dialect ongeveer even onverstaanbaar als de huidige bouwvakkers.

Wij zijn hoe dan ook blij met deze jongens. Voor we het weten badderen we weer heerlijk op het eigen adres. En in de tussentijd studeren we nog wel een beetje op ons Pools!

Arbeid = robota
Badkamer = !azienka
Douche = przysznic
Koffie = kawa
Rust = spokój
Tot ziens = do widzenia
Vloer = pod!oga

Vrijdag 13 juni 2008 vlak voor Nederland – Frankrijk

“Geen last gehad van vrijdag de 13de…”

Op dit adres geen centje pijn gehad op vrijdag de 13de. “Onze” Polen waren ook geheel niet ontgoocheld door het gelijkspel wat ze gisteravond in de allerlaatste minuut van de blessuretijd hadden moeten incasseren. Sterker nog, ze leken er wel door gemotiveerd. Als een speer gaan die gasten.

Robert heeft de harten van de klussers natuurlijk alweer gestolen. Hij heeft een paar woordjes Pools geoefend en die kerels lachen zich rot als Rob zijn tong breekt in zijn poging een vloeiend Pools goede morgen uit te brengen.

Punten gescoord dus, zo kreeg hij ze gemakkelijk zo ver nog eens naar de plaatsing van de spotjes te kijken want die zaten toch iets te kris kras verdeeld naar onze mening. We hadden gelijk en kregen gelijk. Toen nog wat geharrewar over het tegelwerk waar we uiteindelijk uiteraard ook gedaan kregen wat wij willen.

En als je nu denk dat een Pool ook weekend houdt dan heb je het mooi mis. Morgenvroeg 08.00 present… Slik, ik had op uitslapen gehoopt. Maar ik zet snel een knop om want dan ben ik wel eerder uit die ongelofelijke stofzooi waarin mijn fijne huisje langzaam steeds meer en meer verandert. Kom maar door dus!

Maandag 16 juni  2008 “Stil going on”

Twee dagen stil op mijn site ten tijde van de badkameropbouw, dat is opmerkelijk. Dat komt omdat we zelf ook de handen uit de mouwen hebben gestoken. Aangezien er twee muren vervangen moesten worden betekende dat dat in elk geval de twee aangrenzende kamers ook een opknapbeurt konden gebruiken. Eerst dachten we nog even aan uitstellen in verband met de energiebalans. Maar gisteren had Robert plotseling de knoop doorgehakt. Moe wordt hij van klussen toch, nu is hij al moe, dus laten we maar even doorpakken.

Dat soort dingen hoef je tegen mij geen twee keer te zeggen. Ik stroop gelijk de mouwen op en ga voortvarend aan de slag. Resultaat: Twee dagen later is overal het behang af (waar het er af moet dan hè, de rest laat ik zitten) Alle kozijnen en deuren die ik straks een likkie verf ga geven zijn al ook al geschuurd. Als straks over een paar dagen “de mannetjes” vertrokken zijn, heb ik ook al het vieze werk, wat ons nog restte, al achter de rug.

Robert doet wat hij kan, maar het kost zichtbaar moeite. Stil zitten is voor het moraal niet goed dus klussen we toch, hoe dan ook samen. Ieder op onze eigen manier, met onze eigen taakverdeling. We vinden het prima zo. Al steekt ons gemiddelde werktempo een beetje schril af tegen het slaventempo van de betaalde krachten. Het maakt ons niet zoveel uit, we zijn tevreden dat het vandaag toch maar weer mooi gelukt is!

Dinsdag 17 juni  2008 “Einde in zicht”

Jammerlijk was de tegellijm op aan het einde van de dag. Het was toen al 19.00 hoor, hoogste tijd om te stoppen zou ik zo zeggen. Die gozer gaat maar door… Hij is nu al twee dagen onverstoorbaar in zijn eentje aan het bikkelen van 08.00 tot 20.00. Nog nooit gehoord van de arbeidstijdenwet denk ik…

Ik heb inmiddels moederlijke zorgen: Jongen werk je niet te veel? En eet je wel genoeg. Je drinkt toch wel op tijd iets hè???? Ik leg ’s morgens vroeg een appeltje voor hem klaar en iets lekkers voor bij de koffie. Ik hoor hem fluitend aan het werk gaan en dat duurt gewoon een uur of 12!!!!

Ik ben echt fan van hem geworden maar heb steeds de neiging om hem het fenomeen rust en ontspanning eens uit te leggen. Hij heeft heel anderen belangen dan ik. Hij wil veel werken, veel verdienen. Rusten kan later… hoopt hij….

Goed, hij heeft een heel ander leven dan wij natuurlijk. Niet te vergelijken. Voor ons is rust en luisteren naar je lichaam een eerste levensbehoefte geworden.

Robert voelt zich vandaag ronduit Kl***ten. Hij hoest zo heftig dat zijn benen aanvoelen alsof hij drie wedstrijden met het Nederlands elftal heeft meegespeeld. Dat is een hoestje die met geen enkele hoest te vergelijken is. Aan de kleur van zijn hoofd te zien, kan ik vaststellen dat het aantal Bars op zijn aderen significant toeneemt. Uitermate vermoeiend dus. Zijn longen doen pijn en al vroeg op de dag klimt de koortsthermometer ruimschoots boven de comfortabele 37 graden Celsius.

We snakken heel erg naar rust in ons huisje omdat we hopen dat het dan weer beter zal gaan met Rob. Hoewel ik dus mijn hart al verpand heb aan Jarik, zo heet ie, kan ik niet wachten op de dag dat hij klaar is met de klus en wij weer in ons eigen ritme kunnen komen…

Ik vind het vandaag heel moeilijk om Robert zo te zien ploeteren om toch zoveel mogelijk betrokken te zijn bij alles wat er gaande is. Ikzelf bruis van de energie en ben haast niet te stoppen. Juist dat gedrag van mij maakt het contrast tussen ons zo groot. Ik voel me schuldig.. Ik put hem uit omdat hij niet stil kan toekijken als ik zo doorstoom…  Maar juist het doorstomen zorgt ervoor dat we eerder weer rust in de tent hebben. Wat moet ik doen????

Ik ben vandaag dus al wel stilaan begonnen aan het schoonmaken van ons stulpje. Poetsen is echt niet mijn hobby, in tegendeel zelfs. Toch geniet ik op mijn manier van deze dag. Opruimend, stoffend, dweilend en zemend doorloop ik elke millimeter van ons huis, ons leven dus. Ik voel van alles: Het geluk dat we hier vandaag op de kop af 8 jaar wonen en heel erg veel leuke dingen hebben gedaan in die tijd. Maar ik voel ook de beklemmende angst die de onbeduidende toekomst met zich meebrengt. Diezelfde onbeduidende toekomst laat me een moment later weer dromen van de prachtige plannen die we al in petto hebben voor na de transplantatie.

Ik betrap een brutale traan die zo maar over mijn wang drupt terwijl ik de stofzuiger door de kamer duw om de oorspronkelijke kleur van de vloer weer tevoorschijn te toveren. Laat mij maar even lekker alleen in mijn privédomein. Het zijn denk ik allemaal kleine stapjes in het proces die ik nodig heb om, als de tijd rijp is, verstandige besluiten te kunnen nemen.

Even later merk ik dat ik alweer vrolijk meefluit op de muziek die boven uit de bouwradio schalt als ik zie dat Rob er toch in geslaagd is in de hangmat een tukkie te doen.

Het blijft dus dubbel allemaal, maar we zijn in elk geval erg blij met het resultaat tot nu toe.

Woensdag 18 juni  2008 “Pareto-principe”

Het Pareto-principe staat voor de 80-20 regel. Toegepast op arbeid komt het hier op neer: In 20% van je tijd bereik je 80% van je resultaat. In 80% van je tijd kun je dan aan die rest procentjes werken als je de 100%-grens wilt bereiken.

Dat die regel wel degelijk klopt wordt keihard bewezen in onze badkamer in het algemeen en in de douchecabine in het bijzonder. Om het wandje te plaatsen zoals het bedoeld is zijn 2 mannen 4 uur lang intensief bezig (verbaal (mijn Poolse woordenschat word uitgebreid met: Gówno przysznickajuta) en fysiek).

Vrijdag 20 juni  2008 “Wellness Centre Langeweg opent haar deuren”

Wellness Centre Langeweg heeft vandaag haar deuren geopend. Het is er fantastisch!!!!!!! De vloerverwarming werkt ook.

Ik werd vannacht namelijk badend in het zweet wakker… Ik had gedroomd dat de “Magnum Millimat” ff niet getest was maar dat de matten wel inclusief kabelbreukje stevig lagen ingemetseld onder die kneiters van vloertegels van ons… Maar gelukkig hebben mijn dromen een niet al te hoog voorspellend gehalte!

(Toevoeging 2018: later, ongeveer een half jaartje, bleek mijn droom wél voorspellend… Het was alleen geen kabelbreukje maar de voeler lag ingelijmd, wat dus niet zo hoort… En die kon dus niet meer voelen… Resultaat een verwarming die alleen op snoei-hard kon óf uit… Nooit lol van die investering gehad dus…)

Inmiddels is het hele huis tot op het laatste randje schoner dan ooit tevoren. Je kunt weer van de vloer eten hier. In een woord: HEERLIJK. Geen werkmannen meer over de vloer, waar je toch altijd rekening mee houdt natuurlijk. Alleen de wastafel moet nog opgehangen worden door de loodgieter en nog een afwerklat voor de drempel. Maar ach, dat komt volgende week wel. Nu eerst lekker rust, rust en nog eens rust.

Rob slaapt binnen 5 minuten als een roos als hij een middagdutje gaat doen. Het geluid wat mijn noeste poetswerk veroorzaakt kan hem niet uit dromenland halen. Hoezo moe????

Woensdag 2 juli 2008 “Done!”

Project “Bathroom” is helemaal tot in detail klaar, 100% ready, nix-meer-aan-doen status!!!!!! *

Vandaag de finishing touch gemaakt door de levering van ons kastje. Dat vinden wij nou zo leuk hè, lekkere strakke badkamer en een boeren-antiek-meubeltje erin. De tegenstelling die het geeft is mooi. Het is een vlijmscherp contrast. Oud en nieuw worden perfect geaccentueerd. Iets wat eerst van een ander was kan nog heel prima gebruikt worden en krijgt nieuw elan in een andere omgeving. Als succesvol getransplanteerde organen dus eigenlijk…

Het zal mijn voorkeur tot het trekken van transplantatie-parallellen zijn dat ik dat zo graag op deze manier wil zien. Al in december deed ik dat en onlangs in juni nog een keer. De badkamer en de aanverwante klusselarij staan zo ongeveer symbool voor ons medische bestaan:

We moesten eerst een lang traject door om vast te stellen wat de beste oplossing was. Alles of een deel vervangen?

Ongeveer de afweging lever en longen transplanteren of alleen de longen OF de lever?

Is er nog een tussentijds lapmiddel mogelijk voordat we drastisch ingrijpen?

(kuurtje thuis of in het ziekenhuis)

Toen het besluit “renoveren” eenmaal genomen was kon je de levertijd van de spullen vergelijken met de wachttijd op organen.

De sloop die we in eigen beheer deden was als het zo goed mogelijk voorbereiden op wat komen gaat bij transplanteren.

Voorbereiden op de transplantatie kent praktische kanten, wie informeer je op welke manier en wanneer? Daarvoor knutsel ik al driftig aan een communicatieschema. En wat als het niet loopt zoals wij hopen… onvermijdelijk denken we ook over het moment van afscheid-voor-altijd. Dit tweede min of meer praktische punt is ook gelijk het bruggetje naar het meer emotionele punt; het vergt ook een uiterst zorgvuldige mentale voorbereiding. Zijn we zo ver dat we (lees Rob) de stap durven maken?

Als succesvol getransplanteerde organen staat dit gebruikte kastje in een nieuwe badkamer.

Nu het klaar is en we de aannemer gisteren nog een keertje terug hebben laten komen voor een, schrik niet, lekkende aansluiting van een profiel hebben we daarmee de voorlopig laatste vergelijking. Een complicatie!

De truc is rustig blijven en blijven geloven in een waterdicht systeem. Dat hebben we wel geleerd van Arian’s transplantatie.

Het sanitair-traject was lang, soms onzeker, dan weer om gek van te worden, maar het was altijd hoopvol, de kans van slagen was vele malen groter dan die van mislukken. Problemen die we onderweg tegenkwamen bleken allemaal op te lossen. De “transplantatie” van onze badkamer is succesvol verlopen. Met dus als kroon op al het werk een kastje waar ik helemaal verliefd op ben!

* Alleen nog een raam schilderen, maar dat hebben we voor het gemak meer onder het project “aanverwante kluszaken” geschaard. Het voelt zo lekker om in elk geval 1 ding helemaal af te hebben!

Zaterdag 5 juli 2008 “Knippen en plakken”

De klus-opschorting is opgeheven. Rob is weer helemaal back in town. De griep is mooi de loef afgestoken en hij draait weer op topniveau mee. SUPER!

Behangen blijkt trouwens gewoon een kwestie van knippen en plakken te zijn…. en veel geduld… en heeeeeel veel passen en meten. Maar dat kunnen we samen wel!!!!

Woensdag 11 februari 2009 “Lekkage”

Het woord badkamer of lekkage is op deze site al een tijdje niet gevallen. Dat komt niet omdat er geen niets over te vertellen valt, maar dat komt helaas domweg omdat er veel belangrijkere dingen aan de hand waren.

Sinds oktober november zie ik namelijk een vochtplek in de drempel van de badkamerdeur groeien… Robert had daar nog eens een telefoontje richting aannemer aan gewaagd. Maar omdat er natuurlijk allerlei andere dingen prioriteit hadden zoals een screening, een voorbereiding op al dan niet een wachtlijstplaats en tenslotte in hoog tempo afscheid van het leven nemen, hebben we verder geen concrete actie ondernomen.

Gisteren vatte ik de koe bij de hoorns. Dat hakte stevig in mijn mentale reserves. Ik MOEST bellen van mezelf, maar mijn God, wat vond ik dat lastig! Robert nam dit soort klussen uit mijn handen. het was zijn “project” vond hij. Als hij nog mee kan kijken (waarvan ik eindelijk wel overtuigd ben) weet ik dat hij het vreselijk vindt dat ik met deze taak in mijn maag zit. Ik zag er als een berg tegenop.

En terecht bleek later want die aannemer (type: Zwaar A-communicatief) hoorde niet eens wat ik zei… Tenminste anders reageer je toch anders mag ik hopen… Het ging ongeveer zo:

Hallo met Monique van Etten spreekt u (ik klonk toen nog stoer alsof ik Lara Croft zelf was). Er is een probleem. De door u veen half jaartje geleden verbouwde badkamer lekt.

Oh…

Zou u hiervoor kunnen komen kijken en een oplossing vinden?

Sinds wanneer lekt het dan?

Sinds oktober/novemeber, mijn man heeft daarover nog gebe… (ik word takloos onderbroken)

Waarom bel je dan nu pas???

Dat zit zo, begin ik nog krachtig, mijn man Robert is in december overleden. Ik had andere zaken aan mijn hoofd… (inmiddels klink ik klein en nietig. Het doet onvoorstelbaar veel pijn om dit als reden aan te dragen. Maar het is de waarheid en niets anders dan de waarheid.)

O, nou dan bel ik je wel een keer terug voor een afspraak.

… (sprakeloos…)

Ben je er nog?

Ehhh Ja, dat is goed… Ik wacht uw telefoontje af. Ik verwacht wel dat het wordt opgelost, zeg ik met bibberende stem in een poging iets van de kracht van mijn openingszin terug te pakken. Ik faal daarin overigens volledig.

Ik druk met dikke tranen over mijn wangen de telefoon uit. Had hij echt niet even zijn medeleven kunnen tonen??? Of vraag ik nu teveel van een heerschap van dit kaliber. Ik ben blij dat ik gebeld heb maar ik ben geloof ook gesloopt voor de rest van de dag…

Ik zou eigenlijk naar de drukker gaan om de bedankkaartjes te regelen. maar ik zie het niet zitten. Het is me allemaal veel te veel vandaag. Normaal zou Robert mijn een dikke knuffel geven en in no-time de dingen waar ik zo verdrietig van werd op een rij zetten zodat ik de relativiteit er weer van kon inzien. Het lukte me nu met geen mogelijkheid dat zelf te doen. Ik miste hem meer dan ik tot dan toe had gevoeld. Taken voor mijn praktijk oppakken was nog relatief simpel. Ik denk dat dat zo is omdat ik dat altijd al zelfstandig deed. Dit telefoontje was echt een Robert klus die ik nu moest doen om dat hij er gewoon niet meer is. Ik ben voor het eerst echt boos. Mijn tranen gingen gister niet per druppel maar eerder per liter, en het kon me niet schelen ook.

Maar toen ik na een uurtje nog geen licht aan het einde van de tunnel zag terwijl ik maar onbeantwoorde vragen bleef stellen aan Robert’s foto kreeg ik en idee. Ik bel gewoon iemand, en een ander stuur ik een mailtje. kortom, ik schakel mijn vangnet in! Goh, dat ik daar niet eerder aan had gedacht. Hulp vragen is niet echt mijn sterke kant.

Het is nogal een drempel voor mij om in alle kwetsbaarheid te vertellen aan iemand dat ik moest huilen om een ogenschijnlijk simpel telefoontje aan een aannemer. Gelukkig vonden mijn redders in nood het helemaal niet raar dat ik verdriet had. Als ware Robert Look-a-likes werd ik op mijn gemak gesteld en als een puzzel vielen alle stukjes al snel weer op zijn plaats.  Ik weet zeker dat Robert trots heeft zitten kijken hoe anderen zijn taak naadloos bleken te kunnen overnemen. Ok, het was wel anders. Andere schouder om op uit te huilen, andere troostende woorden, andere grapjes om mij door mijn tranen heen te laten lachen, maar toch. Het had absoluut de zelfde helende uitwerking.

Toen ik weer alleen was voelde ik me weer stukke beter. Zo goed zelfs dat ik toch nog naar de drukker ben geweest. Ik ben en passant zelfs ook nog naar het postkantoor gegaan om de auto op mijn naam te laten overschrijven (na brief op dreigende toon te hebben ontvangen van de RWD dat dat uiterlijk 5 weken na overlijden gedaan moet zijn terwijl ze zelf die brief pas sturen na 6 weken… Ik was, als ik de toon in de brief serieus zou nemen ernstig in gebreken gebleven en dat vonden ze een zeer kwalijke zaak… Het was me even ontschoten om mijn EIGEN auto op mijn EIGEN naam te laten zetten. Sorry hoor RWD dat jullie niet bovenaan mijn to-do-list  staan… Wist ik veel…)

Uitgeput na dit emotioneel heftige dagje kruip ik ’s avonds in mijn bed. Er staat een deur te klapperen door de wind. Ik hoor het nog hooguit 2 minuten en was toen ver weg naar dromenland. En die deur maar hevig klapperen, het deerde mij niet. Ik had een belangrijke stap gezet waar ik tegenop zag door te bellen naar die aannemer, het had inderdaad wel pijn gedaan. Maar het hele goede nieuws was dat er mensen waren die mij weer wisten te motiveren de dingen van de dag toch gewoon te doen. precies zoals dat gebeurd zou zijn als Robbie er nog was.

Alles komt weer goed, ik weet het nu echt zeker!

 

De foto en het verhaal

Beloofd is beloofd, ik zal het verhaal achter de foto vertellen.

Een tijdje geleden reden we, Ronny en ik, naar Brabant voor familiebezoek. Onderweg komen we dan min of meer langs de plek waar ik, om het maar eens poëtisch te zeggen, Robert’s as heb teruggegeven aan moeder aarde.

Want van echt strooien was destijds geen spraken bedenk ik me nu ik dit zo schrijf. Op een of andere manier heb ik het meer neergelegd dan verstrooid. Het ging zo, daar had ik geen script voor bedacht. Echt teruggegeven dus…

Robert was ook niet bepaald verstrooid dus wellicht dat hij liever een wat meer gecentreerde plek wilde hebben? Vind ik nou wel weer typisch Robert om dat op die manier subtiel te regisseren. Wij aardse wezens hebben immers toch lang niet altijd door wanneer wij zelf of wanneer onze zielen aan het werk zijn. We zijn zo ‘arrogant’ om te denken dat we alles zelf bedenken. Maar ik heb al te vaak gemerkt dat ik dingen zei of deed waarvan ik achteraf dacht: nou zeg, dat verzin je gewoon niet!?!

Afijn, dat feit in beschouwing nemend ging ik Ronny, Robert’s plekje laten zien. Ronny vraagt mij weleens of ik het niet jammer vind dat ik geen graf heb om naar toe te kunnen. Maar het was Rob’s stellige overtuiging dat hij niet in een graf of urn zou liggen, daar zou slechts zijn aardse omhulling, in welke staat dan ook, zijn. Wie hij in wezen was in die aardse omhulling zou overal zijn, waar jij het maar wilde hebben. Dus nee, ik vind dat niet jammer. Dit past beter bij Robert.

Ik deelde dat geloof met hem en ben er na zijn dood, door de acties in die categorie: nou ja zeg, dat verzin je niet”, zelfs van overtuigd geraakt. Geen geloof meer maar een zeker weten dus. En je hoeft mij niet te geloven hoor, ik snap dat je het niet snapt als je het niet ervaart.

Zo af en toe ga ik toch eens naar de plek toe waar ik de aardse cirkel rond maakte. En vaak krijg ik dan ‘bewijs’ van Rob’s ideeën over de dood en dat ze dus kloppen. Een graf vond hij dus te statisch en te doods. En nee, dat bedoelde hij niet sarcastisch maar dat meende hij echt.

Hij wist gewoon dat de dood een sprookje was en dat hoe wij over de dood denken wezenlijk fout is. Er ís leven na de dood. Maar het is wel heel anders dan het aardse leven. Daarom moet je over het aardse leven niet lichtzinnig denken. Dat is uniek en schitterend en dát op zichzelf stopt wel. Dát is het hele verdriet. Voor wie het leven laat blijft het verdrietig als dat wat daarna gebeurd niet wordt herkend, dan verlies je het contact en dat zou eigenlijk niet nodig zijn…

Het mooie aan het aardse leven is dat je dingen kunt doen, kunt creëren, iets kunt manifesteren. Je kunt daadwerkelijk iets betekenen voor de wereld en de mensen om je heen. Als je je dan ook nog eens kunt laten helpen door anderen, levend of niet, om de beste creatie of manifestatie neer te zetten dan ben je een gezegd mens! De energie van iedereen die je kende maar nu niet meer leeft, staat altijd voor jou ter beschikking. Als je dat niet weet en je ploetert op alleen eigen kracht voort dan voel je wel aan dat juist dát heel verdrietig is. Nog veel verdrietiger dan het treuren om het leven dat er niet meer tastbaar is.

Maar goed, ik dwaal weer af, het is ook een niet zo makkelijk uit te leggen ervaring. Sorry voor mijn breedsprakigheid weer. 😉

Zoals gezegd laat Robert laat mij steeds op die ene plek ervaren dat hij dus nog altijd mee ontwikkeld, zijn plek is daardoor zeker niet statisch en doods. Het is geen plek om te treuren maar een plek om te ervaren hoe hij verder is gegaan. Hij leeft volop!

Hoe liet hij dat dit keer zien? Ronny vroeg onderweg of ik de plek, omdat die niet gemarkeerd is, terug kan vinden? Ik heb zelf immers echt geen enkel gevoel voor navigeren. Ik loop, als ik uit een winkel kom, steevast in de richting waar ik al vandaan kwam en denk dan: ‘hè ze hebben hier twee HEMA’s’ in plaats van dat ik denk, ‘shit ik ben weer de verkeerde kant opgelopen’. Links en rechts draai ik consequent om en hoor dan altijd mijn vader’s zinnetje in mijn hoofd: Rechts is de kant waar aan je hand je duim links zit. Ehe, tja, dat klopt… maar voor ik die redenatie heb gemaakt ben ik al een paar straten de verkeerde rechtsaf gegaan.

Nou en met dat navigatie-talent dus zou ik bijna 9 jaar na het teruggeven van de as op een haast random spot in een bos zomaar die ene plek terug kunnen vinden? Ik geef toe dat klinkt aardig onwaarschijnlijk maar toch is het zo. 2018-01-03 11.42.45

Dit keer werd dit hele verhaal wel heel grappig omlijst. We lopen de bocht om waar ik zeg: ‘nu moet het hier ergens zijn, nog iets van 100 meter verder geloof ik’. Ik speur wat en zie een steen liggen. ‘Daar’, zeg ik!

En wat schetst mijn verbazing er ligt een baksteen met en pijl erop die precies de coördinaten van Rob’s plekkie aanwijzen.

Ik grinnik ervan en als ik dan verder kijk zie ik de hutjes staan. Het kleinste, met het vuurplaatsje een eindje verderop ervoor, is 100% zeker de plek waar ik zijn as neerlegde. Daarnaast een iets groter hutje. Ik zeg gelijk: ‘Oh das voor jullie gemaakt, jullie zijn met vier en wij met twee’. 😉

Hutjes met vuurplaatsjeDiep in mij voel ik dat het zo ongeveer klopt wat ik zeg. Ik gloei van top tot teen. Ronny is er stil van. Ik wil gaan zingen en dansen van het plezier dat ik voel. We lopen verder en er zijn achter dit ‘hoofdgebouw’ van de schijnbare camping nog een aantal kleine hutjes te vinden.

Robert zal de beheerder wel zijn van deze fantastische plek! En jawel hoor, er mag gespeeld worden in het leven, dat is wat hij nu wil zeggen.reetje

Maar één keer zo iets toevalligs zien kan nog iets toevaligs zijn. Maar er is nog een eerdere keer met zo iets opmerkelijks. Toen dat gebeurde was ik nog niet naar het hoge noorden verhuist en vroeg me toen nog af wie ik wel niet was om me zomaar te mogen voegen in een gezin met kinderen…

Ik vroeg me af of ik zo iets kwetsbaars wel mocht vergezellen? En wat was dan mijn taak en rol?

Ik mijmerde wat op deze plek waar toen deze mini-camping nog niet was verrezen en ik hoorde plotseling vlak bij mij zacht gepiep. Ik keek op en keek recht in de oogjes van dit schattige diertje… De rest is geschiedenis 😉

Drie jaar geleden…

Het is alweer drie jaar geleden dat we als gezin een hele bijzondere tijd doormaakte. Eentje van ons, ons pa om het maar eens op zijn Brabants te zeggen, bereidde zich voor om te gaan hemelen.

Wij mochten mee toekijken in die laatste weken. Soms haast ademloos omdat het zo rustig ging en je niks aan de magie van die momenten wilde verstoren. Maar vaker juist met ingehouden adem omdat het op vele andere momenten juist weer zo lastig ging…

Het was hoe dan ook altijd adembenemend indrukwekkend.

Alsof de hemelpoorten steeds verder open gingen. Alsof we met elkaar stilletjes een kijkje mochten nemen hoe het daar waar was. Daar waar toen ook al dierbare waren en waar hij binnenkort ook heen ging. Ik beschreef dat toen alsof het leek dat er nieuwe update’s op onze menselijke harde schijven werden geïnstalleerd. Updates over het leven én de dood. Updates dus waar ik daarna heel veel aan heb gehad.

Wij als vader-dochter hadden altijd al een band zonder al te veel woorden. Dat is nu nog steeds zo. Ik deed/doe dingen die hij zelf niet zo 1,2,3 zou doen. Maar hij steunde/steunt mij altijd door dik en dun. Ook als het dingen waren die hij zelf niet zo snel zou durven of doen.

Regelmatig merk ik nu dat hij er is als ik met onze hond bezig ben. Dat is nou zo’n typisch iets waarvan hij zelf nooit zou weten hoe je dat nou aanpakt; een hond opvoeden?! Hij had helemaal niks met honden. Maar op een of andere manier merk ik dat hij heel regelmatig mee gaat als ik met Lola ga wandelen.

Soms voel ik me verdrietig dat hij niet meer heeft meegemaakt hoe goed ik op mijn pootjes terecht ben gekomen. Meestal kan ik gelijk daarna voelen dat hij het juíst allemaal ziet en dat hij geniet van ons hele gezin inclusief hond.

Hij is postuum toch nog een hondenliefhebber geworden geloof ik 😉

Donorwet… Voor of tegen…???

De Donorwet… ben ik voor of tegen automatisch donor zijn met de optie om aan te geven dat je het niet wilt. Doel is om op deze manier het donortekort te verkleinen.

Maar werkt dat ook? Ja, deels wel vermoed ik… Maarrrrr: waarom zou nu opeens wel iedereen de tijd nemen om het even zelf aan te geven als ze niet willen…  Het is toch mens-eigen om dit soort dingen op een to-do lijstje steeds maar weer verder naar onder te laten schuiven…

De kans dat je een orgaan krijgt van iemand die eigenlijk nog had willen registreren om niet te willen doneren bestaat met deze nieuwe wet.

Wie wil er nou een cadeau van iemand krijgen dat met tegenzin gegeven wordt???

Wetten werken niet als het over leven en dood gaat

Dit soort wezenlijke zaken over leven en  dood laten zich nu eenmaal lastig met een wet regelen. Dat weet je als je wel eens van dichtbij een verstervingsproces heeft mogen beleven. Alles kan dan opeens anders zijn dan het in het volle leven is beleefd.

Daarom, wie donor wil zijn zegt vanuit het hart ja! Een wet is overbodig.

Traag stervensproces

Het kan zijn dat het verhaal van Britt Dekker bij DWDD tegenstanders laat veranderen in voorstanders, want wil wil postuum nou geen heldendaad verrichten? Hoewel het verhaal op en top op zijn Britt’s verteld wordt waarbij onterecht haar specifieke ervaring tot algemeen geldend lijkt te worden, is het wel een oprecht verhaal…

Maar hoe we het ook draaien of keren; iedereen die iets zegt over hoe het stervensproces er uitziet gaat uit van vele veronderstelling.

Diegene die op basis van de feiten die we wetenschappelijk gezien nu kennen over het leven conclusies trekt over wanneer je dood bent en waar je bewustzijn huist vergeet dat we haast niks weten over de dood… En zolang we dat niet weten zijn alle beweringen over de overgang van leven en dood onbetrouwbaar… Om met Herman Finkers te spreken: Als men glashard aan kan tonen dat ik me vergis, pas dan zal ik geloven dat er geen hemel is

Want wat zegt Britt ook als tussenzinnetje in haar verhaal dat tegenstanders laat twijfelen…? Het proces van hersendood worden duurt lang (of, beter gezegd, kan lang duren)… Dus alle gevoelens die het oproept om ook een heldendaad te doen na overlijden worden door die ene zin onbedoeld ook weer op losse schroeven gezet.

En dat is heel goed, want dit is precies waarover het gaat. Er is niet met wetten te regelen hoe het klopt voor jou op het moment dat het er op aan komt…

Tegen de wet, maar wel bewust donor

Hoewel ik dus tégen de wet ben heb ik wel gekozen om tóch donor te zijn. Donor zijn vergezeld  met mijn vurige wens dat mijn bewustzijn inderdaad elders huist dan in mijn brein en dus dat mijn ziel compleet blijft. Het is mijn persoonlijke keuze om de rust (als die er zou zijn) bij het overlijden op te geven om te kunnen doneren.

In het argument voor mij om het wél te doen schuilt ook een heel goed argument om het juist níet te doen. Zo simpel is het dus niet om iets te beredeneren dat hout snijdt, het is echt een gevoelskwestie.

Nogmaals, nikst is beter of slechter. Leven of dood zijn zelfs niet beter of slechter ten opzichte van elkaar. Maar ze zijn wel anders… Wie leeft kan iets manifesteren, iets beteken in letterlijke zin van wat je zielsgraag wilt. En dat maakt het leven zinvol.

Dus wie net als ik van het leven houdt kíest voor ja of nee. Niet meer, niet minder.

 

Storm…

Gisteren was zo’n dag dat je ’s avonds weer in je bedje ligt en dat je denkt: er zitten toch maar 24 uur in één dag? Hoe kan ik dan zoveel hebben beleefd?
Eerst in alle vroegte door de mega super storm van Friesland naar Brabant gereden. Met witte knokkels om het stuur in bedwang te houden maar toch net op tijd aankomen om het hele afscheid van de moeder van een lieve vriendin helemaal mee te kunnen beleven. De anderhalf uur extra reistijd tot de laatste seconde nodig gehad om aan te komen, maar ik was er…
Wat raakte het afscheid… Die vriendin… Die al zoveel jaren ook zoveel stormen van mij heeft mee beleeft… Uitgerekend op de hevigste storm in een eeuw zet ze haar moeder prachtig in het licht…
Iets van in het oog van de storm is het altijd windstil of zo…
Daarna drink ik thee bij mijn moeder. Niet bij haar zelf, want ze is niet thuis, maar twee verdiepingen lager is ze wel ‘thuis’. Alsof het de normaalste zaak van de wereld is bel ik aan bij mijn oude buurman. Die buurman is nu dus weer de nieuwe buurman van haar en, alsof het vanzelfsprekend is, doet mijn moeder open. En weet je, het ís ook vanzelfsprekend en de normaalste zaak van de wereld!
Wat voelt het heerlijk om op die manier bij mijn moeder op de thee te gaan. Die Westhoek bleek toch lang zo gek nog niet 😉 Zeker nu het weer de-tijd-van-drie-jaar-terug is. Dat is net wat zachter als je het kunt delen moet wie het écht begrijpt.
Dan aan het einde van de middag weer terug in de auto. De storm is gaan liggen. De autoradio vertelt dat er nog geen trein rijdt en dat er her en der nog een vrachtwagen overeind gezet moet worden omdat die, het leek wel een recordpoging, met tientallen over het wegennet verspreid lagen. Het zal mij benieuwen of ik op tijd bij de De Kruidhof Hortus van Friesland aankom?
Jawel hoor, ik haal het precies. Door wat files geen tijd om te eten maar gelukkig heb ik het ontbijtje van vanmorgen nog in mijn broodtrommeltje zitten. Toen kon ik immers toch niet eten omdat ik toen het stuur niet los kon laten. Nou dat komt dan nu weer goed uit want stoppen voor een snelle hap zit er niet in. Ik kan natuurlijk niet een Brabants kwartierke te laat komen komen in Friesland. 😉
2018-01-18 22.08.17Ik kom dus wederom strak op tijd aan om mezelf even later in de generale repetitie van de verhalenavond terug te vinden. Compleet verkleed met snor en hoedjes als Piskijker… Als wat???? Als piskijker! Als je wilt weten wat dat is? Tja dan moet je maar komen luisteren op 26 januari, dan vertellen we de Verhalen van wonderdokters en duivelbanners bij knapperende vuurtjes. Nu al bij de generale een geweldige avond gehad die ik niet had willen missen.
O ja, ik was even vergeten dat het nog drie kwartier rijden is naar huis. Oeps een beetje een tegenvaller, echt doodmoe plof ik thuis op de bank en weet eigenlijk niet zo goed wat ik moet antwoorden op de vraag: hoe was je dag? Eind goed, al goed zullen we maar zeggen…😊❤️

What’s in a name?

Wij dachten, subtiel een kleine aanpassing te doen. Niet dat het een geheim was hoor, helemaal niet zelfs. Maar het was voor ons een formaliteit, zelfs haast een noodzakelijk ‘kwaad’ te noemen…

Ik mocht, als ik dat wilde, al een maand of wat de familienaam achter mijn meisjesnaam gebruiken. Dit omdat we onze relatie in stilte, uit respect en liefde voor wat eerder was, geformaliseerd hebben in een geregisterd partnerschap.

Tot nu toe had ik die naamswijziging nog niet doorgevoerd op social media. Maar omdat ik hecht aan het feit dat dingen kloppen vond ik op een argeloze zaterdagochtend toch dat ik mijn naam maar eens moest aanpassen.

Zeker ook omdat we volgend jaar wat zakelijk stappen gaan ondernemen, dan is eenduidigheid in de naam gewoon handig. Niet veel meer en ook niet veel minder dan dat…

Klinkt a-romantisch hè… en dat is het ergens ook.

De romantiek zit hem voor ons in de onvoorwaardelijkheid waarmee wij het avontuur van het leven dagelijks met elkaar delen. Juist dus ook zonder de wettelijke contracten. Elkaar blind vertrouwen en op het woord geloven dus. Als de wet een afspraak op de achterkant van een bierviltje zou accepteren, dan hadden we daar voor gekozen…

Maar vandaar dus, Monique van Etten-Uithof is de naam 😉 De liefde voor elkaar is gelijk gebleven, want die stond al op ‘onvoorwaardelijk en maximaal’ Daar voegt een boterbriefje niks meer aan toe.

Dus op naar een liefdevol én ondernemend 2018 nu dan maar!